Even mopperen

Mijn sportschool eet tussen de middag een boterhammetje en is dicht van half twaalf tot één uur. Om één uur, niet om één voor één of, één over één, maar dan ook exact om één uur gaat de deur weer open. Meestal kien ik het zo uit dat ik precies op tijd ben en zo door kan lopen. De afgelopen keer kwam ik onderweg geen obstakels tegen en was ik, jawel, 4 minuten te vroeg. Vier dames stonden al tegen de wind in hangend voor de deur te kleumen. Onder het fietsenafdak stonden nog eens drie heren. Met mij erbij waren we met z’n achten en stonden we buiten in de best wel frisse wind.

Vier minuten duren dan toch best lang. Wij vieren kennen elkaar al wel een tijdje van het naast elkaar hardlopen op de band. Altijd gezellig en tijdens het sporten spreken we regelmatig de wereldgebeurtenissen door of mopperen we over van alles en nog wat. Zo buiten staand was de eerste mopper natuurlijk dat de deur pas om één uur weer open ging. Welke sportschool is in deze tijd nog tussen de middag gesloten? Zei de mevrouw met de mooie witte haren. Waarop ik mijn ergernis ook maar es uitte: “Ja en dan op de seconde af de deur open doen, das wel erg calvinistisch.” Iedereen was het er wel over eens, maar ja wat doe je eraan? De eigenaar kent de moppers en hij doet er niets mee. De deur blijft tussen de middag dicht, punt!

Na dat punt te hebben besproken konden we overgaan tot de orde van de dag: het weer. Het weer is misschien wel het veiligste gespreksonderwerp: het overkomt namelijk iedereen. Of je nu werkt in een nette jurk of in een overall, het weer is voor iedereen hetzelfde: in de regen word je nat en als het vriest is het koud. Dat maakt het een gespreksonderwerp zonder risico’s. We konden het nu hebben over de stevige wind, de uitlopende planten, de forsythia die al bloeide en de nog lange winternachten. De mevrouw met de witte haren vertelde dat ze van de lange nachten en dat sombere grijze weer depressief werd. Ze had liever stralend blauwe luchten en wat vrieskou. Volgens haar zoon, die als iets in Wageningen werkt, gaat het dit jaar geen winter meer worden. Te koude of te warme noordelijke stromingen, of zoiets. Na de gezamenlijk getrokken conclusie dat we aan het weer toch niets konden veranderen en dat dat maar gelukkig was, anders was er nog meer geruzie, ging de deur open en konden we los.

 

Gewoon even mopperen om niets. Gewoon, omdat het kan. Het lucht wel op! 

Mijn sportschool eet tussen de middag een boterhammetje en is dicht van half twaalf tot één uur. Om één uur, niet om één voor één of, één over één, maar dan ook exact om één uur gaat de deur weer open. Meestal kien ik het zo uit dat ik precies op tijd ben en zo door kan lopen. De afgelopen keer kwam ik onderweg geen obstakels tegen en was ik, jawel, 4 minuten te vroeg. Vier dames stonden al tegen de wind in hangend voor de deur te kleumen. Onder het fietsenafdak stonden nog eens drie heren. Met mij erbij waren we met z’n achten en stonden we buiten in de best wel frisse wind.

 

Vier minuten duren dan toch best lang. Wij vieren kennen elkaar al wel een tijdje van het naast elkaar hardlopen op de band. Altijd gezellig en tijdens het sporten spreken we regelmatig de wereldgebeurtenissen door of mopperen we over van alles en nog wat. Zo buiten staand was de eerste mopper natuurlijk dat de deur pas om één uur weer open ging. Welke sportschool is in deze tijd nog tussen de middag gesloten? Zei de mevrouw met de mooie witte haren. Waarop ik mijn ergernis ook maar es uitte: “Ja en dan op de seconde af de deur open doen, das wel erg calvinistisch.” Iedereen was het er wel over eens, maar ja wat doe je eraan? De eigenaar kent de moppers en hij doet er niets mee. De deur blijft tussen de middag dicht, punt!

 

Na dat punt te hebben besproken konden we overgaan tot de orde van de dag: het weer. Het weer is misschien wel het veiligste gespreksonderwerp: het overkomt namelijk iedereen. Of je nu werkt in een nette jurk of in een overall, het weer is voor iedereen hetzelfde: in de regen word je nat en als het vriest is het koud. Dat maakt het een gespreksonderwerp zonder risico’s. We konden het nu hebben over de stevige wind, de uitlopende planten, de forsythia die al bloeide en de nog lange winternachten. De mevrouw met de witte haren vertelde dat ze van de lange nachten en dat sombere grijze weer depressief werd. Ze had liever stralend blauwe luchten en wat vrieskou. Volgens haar zoon, die als iets in Wageningen werkt, gaat het dit jaar geen winter meer worden. Te koude of te warme noordelijke stromingen, of zoiets. Na de gezamenlijk getrokken conclusie dat we aan het weer toch niets konden veranderen en dat dat maar gelukkig was, anders was er nog meer geruzie, ging de deur open en konden we los.

 

Gewoon even mopperen om niets. Gewoon, omdat het kan. Het lucht wel op!